De Islamitische Kalender
De Islamitische kalender is een zuivere maankalender die de schijngestalten van de maan zo nauwkeurig mogelijk volgt. Net als bij vele andere maankalenders, zoals deze in zwang waren bij de oude Babyloniërs en vele andere antieke culturen, werd het begin van de maand oorspronkelijk vastgesteld door ervaren waarnemers die zo nauwkeurig mogelijk de ‘geboorte’ van de nieuwe maan probeerden te bepalen. Dit is het moment dat de maan, nadat zij een of twee dagen eerder in conjunctie met de zon is geweest (men noemt dit de ‘astronomische nieuwe maan’), weer ver genoeg van de zon is verwijderd zodat zij vlak na zonsondergang met het ongewapende oog als een smalle maansikkel in het westen te zien is.
Omdat het waarnemen van de jonge maansikkel alleen vlak na zonsondergang mogelijk is, begint de eerste dag van een islamitische maand dan ook altijd bij zonsondergang en beginnen alle hierop volgende dagen ook bij zonsondergang. Omdat de dagen in de westerse (Gregoriaanse) kalender om middernacht beginnen, begint een islamitische dag dus in de avond van de ene dag en eindigt deze bij zonsondergang van de daarop volgende dag.
De maanden van de Islamitische kalender :
1 Muharram 7 Rajab
2 Safar 8 Sha‘ban
3 Rabi‘ al-Awwal 9 Ramadan
4 Rabi‘ al-Akhir 10 Shawwal
5 Jumada ’l-Ula 11 Dhu ’l-Qa‘da
6 Jumada ’l-Akhira 12 Dhu ’l-Hijja
De namen van de maanden herinneren nog aan de tijd vóór de profeet Mohammed (vzmh) toen de oorspronkelijke Arabische maankalender, die omstreeks de winterzonnewende (eind december) aanving, in de pas met de seizoenen werd gehouden door na elke twee of drie jaar een schrikkelmaand (nasi) in te voegen. Tijdens zijn ‘Laatste Bedevaart’ in maart 632 n.Chr. (Dhu ’l-Hijja, 10 AH) ontving Mohammed een openbaring van Allah die zijn gelovigen voortaan verbood om schrikkelmaanden in te lassen (Koran, soera 9:36-37). Vanaf toen was de Arabische kalender niet meer met de seizoenen verbonden.
Ten gevolge hiervan verschuift het islamitisch jaar elk jaar ongeveer 11 dagen ten opzichte van de seizoenen en doorloopt een willekeurige maand in 32½ jaar tijd alle seizoenen. De Islamitische kalender wordt daarom alleen voor religieuze doeleinden gebruikt en voor seizoensgebonden activiteiten (landbouw, veeteelt, handel, inning van belastingen, etc.) heeft men altijd de westerse kalender (of een lokale versie hiervan) gehanteerd.
Bron: Marocstart.nl

